« Luister mee op de Internationale Dag van de Migrant | Main | Sabah »

Interview met Jan Goossens

Jan%20Goossens2%28c%29StephanVanfleteren%201.JPG
Foto genomen door Stephan Vanfleteren

Je hebt duidelijk de kaart getrokken voor diversiteit maar hoe begin je daaraan? Het zal wel niet allemaal vanzelf zijn gegaan?

De eerste vraag is heel direct, hoe beginnen we hiermee? Samenwerken met de artiesten van andere gemeenschappen, dat is goed en wel maar wie zijn dat dan en hoe bereik je die? In dat opzicht is de periode in Molenbeek toch wel heel belangrijk geweest omdat je daar in een omgeving terecht komt waarin je er niet omheen kon. Daar heeft het tijd gekost, hebben we een aantal fouten moeten maken maar wij hebben vrij snel mensen aangeworven die full time investeerden in contacten met verenigingen en alle locale actoren . Als je daarin investeert en als je zelf ook nieuwsgierig bent dan kan je in Molenbeek geen 6 maanden werken en aanwezig zijn zonder dat je Ben Hamidou tegenkomt. Via Ben Hamidou zijn we bij Sam Touzani beland en zo is eigenlijk de bal met die Marokkaanse en Maghrebijnse gemeenschap aan het rollen gegaan.
De Afrikaanse gemeenschap is via een andere weg gelopen: tijdens de voorbereiding van ‘het leven en de werken van Leopold II’ van Claus, hebben we tegen ons zelf gezegd; Kongo aan de orde stellen is allemaal goed en wel maar het bleef een stuk van een blanke man die zich schuldig voelde en waarin de ene zwarte man niet aan het woord kwam. Dus: goed dat we dit stuk op de programmatie zetten maar we kunnen het daar niet bij houden en we moeten best op zoek gaan naar de artiesten van Kongolese en Afrikaanse afkomst in deze stad. Via het departement Afrikanistiek van de universiteit van Gent hebben we de eerste stappen gezet. Daarna komen mensen ook gewoon naar jouw toe.
Het opbouwen van een netwerk gaat natuurlijk niet vanzelf, dat is een kwestie van vallen en opstaan. En dat gaat op een hele persoonlijk manier, een kwestie van mensen ontmoeten, met mensen praten. Voor het tot een eerste samenwerking komt zijn er soms een jaar of 2 over gegaan, dat is wat het kost.

Hoe ben je hier terecht gekomen als artistiek directeur?

Ik ben hier niet terecht gekomen als artistiek directeur. Ik heb de kvs voor t’eerst leren kennen toen ik meteen na mijn studies met Wim Vandekeybus ben beginnen werken, als assistent dramaturg, die was hier toen in residentie, ik heb met Wim twee grote projecten gedaan en die zijn allebei hier in première gegaan.
Zo heb ik het huis een beetje leren kennen.
Daarna heb ik een drietal jaren in het buitenland gewerkt met Peter Sellers. Dat waren altijd projecten van twee a drie maanden. Ik had wel zin om op langere termijn aan iets te bouwen in België en dan liefst in Brussel.
Er waren natuurlijk geen honderd mogelijkheden. De KVS trok mij aan omdat het een relatief centrale plek was maar ik had ook veel twijfels over hetgeen er op dat moment artistiek gebeurde. Wat me dan toch over de streep heeft getrokken is dat KVS op dat moment net op verhuizen stond naar Molenbeek. Ik ben begonnen op dag 1 in de Bottelarij. Ik had wel een of ander voorgevoel dat alles daar in beweging zou komen. Dat is tijdens dat eerste seizoen ook voorzichtig gebeurd. Het was duidelijk dat de koers die hier jaren was gevoerd ginder niet kon worden aangehouden. We beseften dat er zowel op vlak van artiesten als repertoires veranderingen moesten doorgevoerd worden. We hebben een paar bewegingen op gang kunnen brengen in dat eerste seizoen, daarna heeft Franz Marijnen ontslag genomen en dan hebben we het voorstel aan de Raad van Bestuur gedaan om met de relatieve jonge ploeg van de Bottelarij een toekomstplan uit te werken. Uiteindelijk werd dat aanvaard en zo is de trein vertrokken.

Vanwaar die passie voor Brussel?

Toen was het nog niet echt passie, dat is een beetje een groot woord. Ik had geen zin om terug te gaan naar Antwerpen. Ik had daar meer dan 20 jaar gezeten en dat was genoeg. Ik heb altijd graag in grootsteden gewoond en dan was Brussel een automatische keuze. Bovendien had ik er met Vandekeybus iets meer dan een anderhalf jaar doorgebracht en zonder over een passie te spreken was me dat welgevallen.

Samen met de zakelijke directeur waren jullie heel jong, werden jullie au serieus genomen?

Intern is dat nooit een probleem geweest : toen we benoemd werden werkten we al meer dan een jaar met de hele ploeg en ons voorstel aan de Raad van Bestuur werd door de hele ploeg gedragen. Als jonge gast die ervoor gaat moet je zorgen dat heel het huis je steunt en dat is vandaag eigenlijk niet anders :het is heel belangrijk om met het hele huis samen te werken.
Extern zal ik niet zeggen dat we niet au serieus werden genomen maar voel je natuurlijk wel heel duidelijk dat in eerste instantie vele mensen en collega’s de kat uit de boom kijken: men staat niet meteen aan de deur om samen te werken, men wil vanop een afstand eerst zien wat je in je mars hebt en wacht af wat de eerste resultaten zijn, maar na verloop van tijd begint dat wel te kantelen.
Er is zeker niet echt van tegenwerking sprake geweest maar heel wat mensen kenden ons nauwelijks en wilden eerst zien welk vlees ze in de kuip hadden.

Wat is volgens jou de betekenis van ‘een schouwburg’ vandaag? Welke rol kan dat hebben in deze tijd?

Voor mij was de belangrijkste vaststelling toen ik begon dat deze schouwburg eigenlijk heel weinig binding had met deze stad.
De vaststelling was dat de KVS nog steeds – zoals in het voorbijgestreefde decreet stond- een repertoire gezelschap en geen stadtheater was. Heel de KVS was georganiseerd door één intendant die zelf ¾ van de producties regisseerde, die daarvoor een gezelschap rond zich samenstelde dat eigenlijk als enige opdracht had om in zijn voorstellingen te spelen en die zelf ook het repertoire uittekende waarbij hij zich in ‘t algemeen beperkte tot bestaande teksten, klassiek of minder klassiek. Dan heb je eigenlijk een heel homogeen project dat in deze stad sowieso maar één gemeenschap kan bereiken. Voor mij en een heleboel mensen was dat een positie die heel ver weg stond van hoe wij de realiteit van deze stad ervaren. Brussel is een meertalige realiteit, waarin ik me ook een stukje in het buitenland voel en de interessante vraag voor mij is: hoe kan zo een experiment werken en hoe kunnen we de stad van morgen allemaal op ons eigen terrein voorbereiden en hoe kan een schouwburg daar een rol in spelen? Belangrijk is dat we van een repertoiretheater naar een stadstheater gaan, we met artiesten uit de vele gemeenschappen in deze stad werken , we publiek uit vele gemeenschappen bereiken en dus meertalig werken , dat het project in grote mate intercultureel wordt. Dat wil zeggen dat de hele artistieke organisatie van het huis moest worden bijgestuurd. En dat je niet meer kon vertrekken vanuit één centrale huisregisseur en met één en hetzelfde gezelschap met dezelfde Nederlandstalige acteurs. En wat het repertoire betreft kan je nog steeds uit die boekenkast putten maar het is een heel belangrijke vraag welk repertoire staat er nog niet in de boekenkast. En dat zijn zo de uitgangspunten, de basisbeginselen geweest van die KVS.

Je hebt duidelijk de kaart getrokken voor diversiteit maar hoe begin je daaraan? Het zal wel niet allemaal vanzelf zijn gegaan?

De eerste vraag is heel direct, hoe beginnen we hiermee? Samenwerken met de artiesten van andere gemeenschappen, dat is goed en wel maar wie zijn dat dan en hoe bereik je die? In dat opzicht is de periode in Molenbeek toch wel heel belangrijk geweest omdat je daar in een omgeving terecht komt waarin je er niet omheen kon. Daar heeft het tijd gekost, hebben we een aantal fouten moeten maken maar wij hebben vrij snel mensen aangeworven die full time investeerden in contacten met verenigingen en alle locale actoren . Als je daarin investeert en als je zelf ook nieuwsgierig bent dan kan je in Molenbeek geen 6 maanden werken en aanwezig zijn zonder dat je Ben Hamidou tegenkomt. Via Ben Hamidou zijn we bij Sam Touzani beland en zo is eigenlijk de bal met die Marokkaanse en Maghrebijnse gemeenschap aan het rollen gegaan.
De Afrikaanse gemeenschap is via een andere weg gelopen: tijdens de voorbereiding van ‘het leven en de werken van Leopold II’ van Claus, hebben we tegen ons zelf gezegd; Kongo aan de orde stellen is allemaal goed en wel maar het bleef een stuk van een blanke man die zich schuldig voelde en waarin de ene zwarte man niet aan het woord kwam. Dus: goed dat we dit stuk op de programmatie zetten maar we kunnen het daar niet bij houden en we moeten best op zoek gaan naar de artiesten van Kongolese en Afrikaanse afkomst in deze stad. Via het departement Afrikanistiek van de universiteit van Gent hebben we de eerste stappen gezet. Daarna komen mensen ook gewoon naar jouw toe.
Het opbouwen van een netwerk gaat natuurlijk niet vanzelf, dat is een kwestie van vallen en opstaan. En dat gaat op een hele persoonlijk manier, een kwestie van mensen ontmoeten, met mensen praten. Voor het tot een eerste samenwerking komt zijn er soms een jaar of 2 over gegaan, dat is wat het kost.

Jullie zijn er ook in geslaagd om in de raad van bestuur diversiteit te brengen. Dat lijkt me niet evident. Is dit eerder toevallig gebeurd of was dit een bewuste keuze?

Dat was een punt. Ik denk dat je pas echt resultaten bereikt als je de dingen doorduwt naar alle niveaus van de organisatie. Gelukkig konden we daar ook een gesprek over hebben met de overheden die ons subsidieerden en die mensen afvaardigen in onze Raad van Bestuur. Voor de Vlaamse Gemeenschap was dat een even grote evidentie als voor ons. Met stad Brussel verloopt het gesprek wat de Raad van Bestuur betreft misschien iets moeizamer maar dat de diversiteit ook op niveau van de Raad van Bestuur aanwezig moet zijn is geen probleem. We werken samen met overheden die toch ook vinden dat ze een stap verder moeten gaan dan nu doorgaans het geval is, wij hebben het initiatief genomen. Wij hebben het op de agenda gezet maar hebben een voldoende medewerking gekregen.

Diversiteit is duidelijk aanwezig in de inhoud van het programma en ook in de vorm, hoe zit het met de diversiteit van het personeel?

Dat mag nog verder gaan. Zonder te zeggen dat we daar heel expliciet mee bezig zijn. Maar van het ene komt automatisch het andere.
Als je meertaligheid belangrijk vindt is het logisch dat je ook mensen hebt die perfect tweetalig zijn. Dat ook Franstalige die perfect Nederlands spreken in aanmerking komen.
Als je samenwerking aangaat met gezelschappen zoals ‘dito dito’ die dan uiteindelijk in je artistieke kern opgaan dan neem je automatisch Nedjma Hadj mee. Dus op alle vlakken als je je project openstelt dan wordt de groep waaruit je kan en wil rekruteren groter, die wordt zoveel groter dat die diversiteit ook toeneemt op alle vlakken trouwens, niet alleen culturele diversiteit maar op vlak van leeftijd, taal, soorten opleiding is de ploeg veel diverser dan 10 jaar geleden.

Veel werkgevers zijn bang voor diversiteit uit angst dat hun klanten zullen afhaken. Hoe is die diversiteit onthaald door je publiek? Als de opkomst een barometer van succes is voor een theaterhuis.

Ik zou het zeker niet alleen daaraan afmeten maar ook op dat vlak is er vooruitgang natuurlijk. We zijn wel van een crisissituatie vetrokken, eerste jaar in de Bottelarij zagen we dat het klassieke publiek van de KVS niet of nauwelijks volgde en tevens werd amper een nieuw publiek opgebouwd, we zaten toen aan een minimum. Dat hebben we de afgelopen jaren gestaag zien toenemen en zien uitbreiden en dat is nu nog volop bezig.
Maar niet alleen hebben we meer publiek maar waar ik veel blijer mee ben is dat een groot deel van het publiek hier vroeger niet kwam.
50% van ons publiek komt uit het Brusselse Gewest , vroeger was dat nog geen 30%. We hebben dus een stevige Brusselse publieksbasis. Het publiek is ook erg verjongd.
Groot deel is jonger dan 30. Ook op taalkundig en cultureel vlak is het een diverser publiek.
En Franstaligen maken zeker een , (hoewel we daar geen heel precieze cijfers van hebben) veel substantiëler deel uit dan tevoren.
Op dat vlak zie je inderdaad dat je resultaten boekt en dat je politiek iets oplevert. Wat we ook zien -en wat ik veel belangrijker vind- is dat een aantal zaken die men misschien 5 jaar geleden op de scène totaal ondenkbaar vond, vandaag tot de orde van de dag behoren.
Sam Touzani die hier een nieuwe productie maakt, daar stelt niemand zich nog vragen bij.
Boventiteling in het Frans daar stelt niemand zich nog vragen bij. Voorstellingen die gewoon in het Frans worden gespeeld nu en dan daar stelt niemand zich nog vragen bij. En dat vind ik zeker even belangrijk en als je naar die dingen kijkt dan kan je zeggen dat de KVS nooit meer hetzelfde zal zijn, dat zijn dingen die we hebben afgedwongen en die nu gewoon vanzelfsprekend zijn.

Diversiteit zou ook voor meer gelijke kansen moeten zorgen. Artistieke milieus kunnen ook elitaire milieus zijn. Bent u zich daar van bewust en hoe probeer je dit te doorbreken?

Ik denk dat er zeker van gelijkere kansen sprake is en in de zin dat veel meer artiesten in aanmerking komen om in de KVS te werken.
Vroeger waren dat artiesten die enkel Nederlandstalig waren en dus Vlaamse Artiesten. Vandaag -zoals ik net zei- horen daar ook Sam Touzani daarbij, mensen van Afrikaanse afkomst en Franstalige artiesten. Onze politiek is: wie hier woont hoort erbij en wie hier woont en theater maakt en artiest is kan in principe in de KVS aan de slag. In die zin is er zeker sprake van gelijkere kansen.
Tezelfdertijd is de politiek nooit geweest en zal dat ook nooit zijn van gelijk wie mag carte blanche hebben, in die zin blijft de lat hoog liggen.
Het blijft wel zo dat de kwaliteit en artistiek overtuigende projecten zeer doorslaggevend blijven en dat is een afweging die je met je ploeg artiest per artiest, project per project maakt.

Het is niet zo dat je een specifieke visvijver of satellietorganisaties hebt waar ongekend talent zich kan laten opmerken?

Neen maar op den duur heb je ontzettend veel tentakels. Die gaan van alle theateropleidingen waarmee we contact hebben, Veel van onze artistieke mensen in huis geven les op theateropleidingen of geven geregeld workshops, niet alleen in Brussel ook in Antwerpen en in Luik vb, artistiek heb je een heel uitgebreid netwerk maar ook in het verenigingsleven. We hebben iemand in huis zoals ik daarnet zei die full time bezig is met de contacten met het verenigingsleven in alle Brusselse wijken. Wie dus artistiek bezig is op een niveau dat nodig is om in de KVS te kunnen staan die zal dat in Brussel toch niet langer dan een jaar kunnen doen zonder dat we dat op één of andere manier opvangen of te weten komen .

Je hebt op heel jonge leeftijd een levensbedreigende ziekte gehad, heeft dat effect op je manier van zijn en werken?

Dat is moeilijk te zeggen want ge kunt geen twee levens leiden, ik weet niet hoe ik het zou hebben gedaan zonder die ziektes maar ik veronderstel van wel.

Als ik het goed uitreken was je nog onder zware behandeling toen je hier het schip al aan het heroriënteren was. Hoe hou je zoiets vol? Je moet daar zelf dan ook veel uithalen veronderstel ik?

Natuurlijk, ik steek hier veel energie in maar ik krijg hier ook heel veel van terug. Ik werk met mensen met wie ik graag werk, die niet alleen maar collega’s zijn, veel ontmoetingen met artiesten zijn ontmoetingen waar je heel veel levensenergie uithaalt. Maar dat zal altijd wel zo geweest zijn, ik zou altijd wel dat soort ontmoetingen, mensen en contexten opgezocht hebben. Het grootste verschil is niet zozeer het relativeren daar ben ik eigenlijk nog altijd niet zo goed in, maar wel dat veel dingen een bepaalde urgentie krijgen, dat je niet echt de neiging hebt om veel tijd te verliezen omdat je vroeg geconfronteerd wordt met het feit dat het snel voorbij gaat. Dus iedere dag is er één extra en die kan je maar beter goed gebruiken.

Je was samen met Tom Barman één van de trekkers van 0110. Waarom?

Omdat ik denk dat het zeer fundamenteel is dat artiesten zich ook uitspreken over de stad en de samenleving waarin ze morgen willen leven en omdat ik denk dat artiesten dat anders kunnen zeggen en op een andere manier dan politici en beleidsmensen. En als je dan merkt dat mensen zoals Tom Barman en Arno helemaal op dezelfde lijn zitten, dat die daar hun schouders willen onder zetten en dat die de steun van KVS maar ook Couleur Café, Ancien Belgique en Theatre National nodig hebben om iets op poten te zetten dat een positief signaal geeft dat veel meer mensen bereikt dan een partijpolitiek signaal, dan doe je daar gewoon aan mee. Ik heb daar geen dag over getwijfeld.
We zaten en we zitten nog in tijden waarin het veel belangrijker is dat je onverkocht voor bepaalde dingen blijft opkomen en je duidelijk maakt dat je uitspreken over dingen louter uit artistieke overtuiging voor een artiest geen luxe is en dat we ons dat niet willen laten afpakken. Dat heb ik de afgelopen jaren naar aanleiding van dingen die hier gebeurd zijn en in het algemeen steeds vaker gehoord dat men tegen artiesten zei: hou jullie met artistieke dingen bezig, schoenmaker blijf bij je leest. Als ik eens optel hoe vaak het Vlaams Belang ons al heeft verweten dat we eigenlijk met politiek bezig zijn of teveel met de samenleving, of met de stad, ik vind dat ontzettend stuitende uitspraken en ik denk dat je er echt voor moet waken dat je je zo kan blijven uitspreken en dat het echt een verschil kan maken.
Als mensen als Barman en Arno het voortouw nemen ja dan wil ik meedoen .

Als laatste en waarschijnlijk overbodige vraag: bent u een blij man met uw project?

Ja maar ook weer niet te blij omdat het altijd beter kan. Een groot gevaar in dit soort huizen en op dit soort plekken is dat je er te lang blijft zitten en dat je niet op tijd weg gaat en in die zin is het moment waarop ik mij weken na mekaar echt blij en tevreden voel misschien het moment dat ik zeg dat het genoeg was.
Maar in het algemeen doe ik het heel graag en vind ik het een voorrecht om te kunnen werken op deze plek, in deze stad, met deze ploeg en met artiesten die actief zijn.
Het is hard werken en er kruipt veel tijd en energie in maar je krijgt er ook veel van terug, waardoor ik het nooit echt als werk ervaar. Het is gewoon wat ik doe en gaat het toch vanzelf.


Bedankt voor het interview.
Alain


Post a comment

(If you haven't left a comment here before, you may need to be approved by the site owner before your comment will appear. Until then, it won't appear on the entry. Thanks for waiting.)